Uroloog-Astrid-Minnee-in-gesprek-met-patiënt

Hormonale beïnvloeding bij voortgeschreden prostaatcarcinoom

Doordat prostaatkanker meestal pas laat klachten geeft is de kanker vaak niet meer tot de prostaat beperkt. Bij veel patiënten worden er uitzaaiingen aangetroffen. De prostaatkanker heeft zich dan uitgebreid naar bijvoorbeeld lymfeklieren en/of botten.

 

Prostaatkanker neemt toe (groeit) onder invloed van het mannelijke hormoon (testosteron). Door dit hormoon uit te schakelen wordt bij 80% van de patiënten de groei van kankercellen afgeremd en kan de eventuele pijn worden verlicht. Uitschakeling van de invloed van testosteron kan op verschillende manieren gebeuren.

 

De behandeling kan bestaan uit een operatie van de zaadballen (die testosteron maken), medicijnen die de aanmaak van testosteron voorkomen (LR-RH-analogen), medicijnen die binding van testosteron met de prostaatcellen voorkomen (hormoonpreparaten) of combinaties hiervan.

 

Medicijnen

Er zijn medicijnen die de productie en/of werking van het mannelijk hormoon kunnen blokkeren. Daardoor kan de groei van kankercellen worden geremd. Het kan dan gaan om LH-RH analogen, anti-androgenen of een combinatie van beiden.

 

LH-RH analogen beïnvloeden een klier in de hersenen: de hypofyse.

De hypofyse produceert hormonen, die de zaadballen aanzetten tot testosteronproduktie. Door LH-RH analogen toe te dienen wordt de hormoonproductie in de hypofyse stilgelegd, waardoor de zaadballen

geen testosteron meer produceren. De LH-RH analogen worden als langwerkend preparaat per injectie in de

buikwand toegediend. De werkingsduur van dit medicijn is op z’n minst één maand

 

• Anti-androgenen blokkeren de werking van testosteron uit zowel de zaadballen als de bijnieren, waar ook enig testosteron wordt gemaakt. Anti-androgenen schermen als het ware het weefsel af dat gevoelig is voor testosteron. Hierdoor kan testosteron zijn werking in de prostaat niet meer uitoefenen.

 

• Combinatie-therapie

Testosteron wordt gemaakt in de zaadballen en de bijnieren.  Bij een orchidectomie en bij de behandeling met

LH-RH analogen wordt alleen de testosteronproductie in de zaadballen gestopt. Anti-androgenen blokkeren de werking van beide soorten testosteron. Daarom kan er naast een orchidectomie of behandeling met LH-RH analogen soms ook een anti-androgeen worden voorgeschreven. Uw geslachtsdrift en potentie (erecties) kunnen afnemen als gevolg van hormonale beïnvloeding. De behoefte aan genegenheid en aanraking blijven natuurlijk hetzelfde. Als er geen testosteronproductie meer is kunt u soms last krijgen van opvliegers en enige borstontwikkeling met pijnlijke tepels. Bij een opvlieger krijgt u het gedurende enkele minuten warm en soms ontstaan er rode plekken in uw gezicht en hals. Dit is volstrekt ongevaarlijk, maar wel hinderlijk. Vaak is deze klacht met medicijnen te verhelpen.